Actieplan betrekken verzekerden bij zorgfraude

                                  DONDERDAG 8 SEPTEMBER 2016

Voorzitter,

Stel je krijgt een auto-ongeluk, je kind wordt ernstig ziek of je moeder krijgt een nieuwe heup. Dan wil je kunnen rekenen op de beste zorg. Het mooie in Nederland is dat het niet uitmaakt of je arm of rijk bent, jong of oud, ziek of gezond, iedereen krijgt dezelfde goede zorg. Die solidariteit en goede kwaliteit van zorg willen we behouden. Nu, maar ook als we straks zorg nodig hebben als we ouder worden.

Om dit hoge goed waar te kunnen blijven maken, hebben we wel de dure plicht om ons zorggeld goed besteden. Helaas kennen we ook de verhalen van spookfacturen of normloze zorgverleners die de zaak flessen door duurdere of niet uitgevoerde behandelingen te declareren. Mensen maken zich hier terecht boos over. ‘Fraude verhoogt de kosten van de medische zorg. Het is ook in mijn belang dat daar tegen opgetreden wordt’. Een treffende uitspraak van een panellid uit een enquête van de Patiëntenfederatie. Dit voelt als onrechtvaardig en vreet aan het fundament van de goede zorg zoals we die in Nederland hebben. Dit kan én mag niet gebeuren. Van zorgverleners, maar ook zorggebruikers, mag verwacht worden dat zij niet sjoemelen met declaraties, juist om met elkaar de zorg in Nederland zo goed te houden. Doen ze dat toch, dan moeten we erop kunnen rekenen dat ze tegen de lamp lopen.

Dit wetsvoorstel biedt gelukkig goede uitgangspunten om hiermee verder aan de slag te gaan. Naast de juridische basis wordt hiermee een krachtig signaal afgegeven dat fraude nooit mag lonen! Misbruik moet worden gesignaleerd, opgespoord en worden bestraft. Hierin moet je glashelder zijn en durven doorpakken in het belang van een betaalbare én goede gezondheidszorg. 

Wie kan nu eigenlijk het beste beoordelen of de zorg is geleverd? Juist dat zijn u en ik; de verzekerden zelf. Het is dan teleurstellend dat in nog maar beperkte mate verzekeraars het mogelijk maken om in een eigen digitale Mijn-omgeving de facturen in te zien en zo mee te helpen aan het opsporen van ‘niet pluis rekeningen’. Evenzeer is het een gemiste kans dat nog veel zorgverleners wel erg laat zijn met het versturen van een factuur. De scherpte gaat er wel af als jij na ruim een jaar nog eens precies na moet gaan welke zorg geleverd is. Voor het gemak sta ik dan nog niet stil bij de uitdaging om een factuur goed te kunnen doorgronden en te begrijpen. Het zou ongelooflijk helpen als hier wel slagen in worden gemaakt en vermeende toverformules worden omgevormd tot begrijpelijke rekeningen. In dit debat zou ik graag van de minister willen vernemen welke concrete stappen genomen kunnen worden om hier een verbetering in aan te brengen? Wat voor kansen ziet zij om verzekerden meer te betrekken en zo fouten en fraude op te sporen? Is zij bereid om met de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa), zorgverleners, Patiëntenfederatie en verzekerraars in overleg te gaan om te een actieplan te komen om  verzekerden meer te betrekken? Dit vergroot de betrokkenheid, bewustwording en alertheid en geeft inzicht in wat goede zorg kost.  

Voorzitter,

Vorig jaar hebben zorgverzekeraars door controle achteraf voor 485 miljoen euro terug kunnen vorderen bij zorgverleners. In 227 zaken bleek voor  11,1 miljoen euro te zijn gefraudeerd. Serieuze bedragen die weer zijn teruggevloeid naar de zorg waar het geld thuis hoort. Het is belangrijk  dat zorgverzekeraars samen met overheidspartijen werk maken van het tegengaan van onterechte en onjuiste declaraties. Het opsporen van fouten en fraude heeft de laatste jaren gelukkig meer prioriteit gekregen.

Maar de minister stelt ook dat de inspanningen tussen de zorgverzekeraars onderling fors uiteenlopen. Is hiervoor een verklaring te geven? Hoe wordt omgegaan met een afname van het aantal signalen bij de NZa in het afgelopen jaar? Is het de verwachting dat in de komende jaren meer fouten en fraude wordt opgespoord? Zo ja, hebben de betrokken partijen voldoende capaciteit om fraude aan te pakken en tot vervolging over te kunnen gaan? Zijn de sancties voldoende afschrikwekkend om fraude nooit te laten lonen? 

In dit wetvoorstel wordt een mogelijkheid geboden om afwijkend om te gaan met informatieverstrekking van patiëntgegevens. Zorgaanbieders – bijvoorbeeld binnen de GGZ – kunnen op andere wijze de geleverde prestatie en diagnose-informatie aan verzekeraars verstrekken. Graag wil ik van de minister scherper krijgen waaraan gedacht wordt en of dit in praktijk niet belemmerend kan werken in de opsporing van fraude?  

Het is goed dat met dit wetvoorstel het onderscheid tussen natura- en restitutiepolissen voor materiële controle wordt gerepareerd. Het roept nog wel de vraag op in welke mate fraude door een verzekeraar kan worden opgespoord als de zorgverlener en de verzekerde onder één hoedje spelen om de boel te flessen. Is hier aan gedacht, zijn hiervoor oplossingen en welke maatregelen worden dan genomen?

Voorzitter,

Uit een eerder aangehaalde enquête van de Patiëntenfederatie blijkt dat een groot deel van de ondervraagden bij een vermoeden of verdenking van fraude ermee kan instemmen dat een zorgverzekeraar toegang krijgt tot een deel van een medisch dossier. Hierbij is het wel van belang dat de verzekerde ten minste achteraf wil worden geïnformeerd wanneer in het dossier is gekeken.

In de praktijk is dat nu dan ook al mogelijk. Het is hierbij wel van belang om stil te staan bij de waardevolle vertrouwensrelatie tussen patiënt en de zorgverlener en ook te kijken naar de relatie tussen de zorgverzekeraar en de zorgverlener. Dit moet worden benoemt en onderkend. Willen we daadwerkelijk fraude niet laten lonen is het in een beperkt aantal zaken per jaar noodzakelijk om na een zorgvuldig traject toch een deel van het medisch dossier in te zien. Om het medisch beroepsgeheim niet te schenden is dit in handen van medische adviseurs bij zorgverzekeraars die onder dezelfde eed vallen als de zorgverlener.

Om het draagvlak te behouden voor dit ‘ultieme middel’ is de VVD een voorstander om het zo te regelen dat zorgverzekeraar de verzekerden altijd achteraf informeert als bij een materiële controle een deel van het medisch dossier wordt ingezien. Het is een goede zaak dat met het amendement van college Klever dit expliciet in de wet wordt vastgelegd. Gisteren heeft de minister in een brief de stand van zaken gegeven hoe het staat met de inspanningen van zorgverzekeraars om hun verzekerden te informeren om het nut, verloop en noodzaak van materiele controles. Het hoeft geen betoog dat op dit punt nog een slag is te maken. Ik wil de minister dan ook vragen of dit een onderdeel kan worden van het eerder bepleite actieplan door alle betrokken partijen om de verzekerden – dus alle mensen in Nederland – beter te informeren?

Voorzitter,

Onze gezondheid is het belangrijkste wat wij hebben. Het geld voor onze goede gezondheidszorg brengen we met elkaar op. Ik ben er trots op dat we in Nederland in vrijheid onze eigen zorgverzekeraar en zorgverlener kunnen kiezen. Het kunnen rekenen op goede zorg als je het nodig hebt, geeft een gevoel van veiligheid. Zorggeld is bedoeld voor goede zorg en daarom mag fraude nooit lonen.